Jaarmarkt Dickens Day Beerta Oldambt Groningen
Jaarmarkt Dickens Day Beerta Oldambt Groningen

Wie was Charles Dickens?

Charles Dickens werd geboren als tweede van acht kinderen van John Dickens en Elizabeth Barrow. Toen hij tien was, in 1822, verhuisde de familie van Rochester (Kent) naar Camden Town in Londen om dichter bij vaders werkplek (het Navy Pay Office in het Somerset House) te wonen.

De wijk en de stad inspireerden Dickens en kropen in zijn kleren: de overvolle straten met karren en koetsen, met ruiters en straatventers, de eet- en koffiestalletjes tussen de afvalhopen en de bouwwerven in, de blootsvoetse en in lompen geklede kinderen...

Eén van de ergste plekken in Londen, zijn de kinderen die rondsluipen op deze plek; die in de manden slapen, vechten voor het afval, zich op alles storten wat ze denken te kunnen weggraaien, die duiken onder de wagens en steekkarren, wegspringen voor de politiemannen.

Op zijn vijftiende ging hij werken op een advocatenkantoor en leerde zichzelf stenografie. In 1835 werd hij verslaggever in de kamer voor de Morning Chronicle en ontstond uit zijn journalistiek zijn eerste literaire werk “A Christmas Carol”. Het boek is een spookverhaal uitgegeven op 19 december 1843.

Het boek kwam uit in een periode dat de oude tradities van Kerstmis steeds minder in ere werden gehouden, en nieuwe zoals kerstkaarten hun intrede deden. A Christmas Carol sloeg mede daardoor mogelijk aan. De thema's van het verhaal, sociaal onrecht en armoede, de relatie daartussen en hun oorzaken en gevolgen, zijn terugkerende thema's in Dickens' werk.

A Christmas Carol is een boek over een oude en verbitterde vrek, Ebenezer Scrooge, die in de nacht voor Kerstmis een aantal dromen heeft en daardoor tot inkeer komt. Scrooge is een financier en geldwisselaar die zich zijn leven lang heeft gericht op het verkrijgen van meer geld en verder niets. Hij veracht andere zaken dan geld, inclusief vriendschap, liefde en de gedachte van het kerstfeest.

 

Het verhaal begint op kerstavond, precies zeven jaar na de dood van Jacob Marley, Scrooges zakenpartner, met wie hij ooit hun bedrijf, "Scrooge & Marley", begon. Scrooge en zijn boekhouder Bob Cratchit zijn aan het werk op het kantoor, met Cratchit in een slecht verwarmde ruimte - slachtoffer van de gierigheid van Scrooge. Fred, een neef van Scrooge, komt langs om zijn oom een 'gelukkig kerstfeest' te wensen en hem uit te nodigen voor het kerstdiner op eerste kerstdag. Scrooge stuurt hem weg met opmerkingen als "Bah! Onzin!". De heren die daarna binnenkomen om te collecteren voor de armen worden door Scrooge afgepoeierd met de opmerkingen dat de werkhuizen en de armenwet voldoende zijn voor de armen.

Scrooge gaat laat naar huis. Het huis is donker en koud om kosten te sparen. Als hij de sleutel in het slot steekt, schrikt hij als de klopper op de deur de vorm krijgt van het spookachtige gezicht te zien. Dit is het begin van een gedenkwaardige nacht. Geluiden in het donker op de trap, geluiden van schuivende grendels en slaande deuren elders in het huis, en een onverklaarbaar gerinkel van de in onbruik geraakte bedienden bel gaan vooraf aan een bezoek van de geest terwijl Scrooge bij de haard zijn pap zit te eten. De geest is gekomen om Scrooge te waarschuwen dat zijn huidige levensstijl hem hetzelfde lot zal brengen als de geest, na zijn dood: veroordeeld om over de aarde te zwerven als boetedoening voor het gebrek aan naastenliefde tijdens zijn leven.

Om 1 uur 's nachts verschijnt de eerste geest die zichzelf 'Geest van Voorbije Kerstmis' ('Ghost of Christmas Past') noemt. Hij leidt Scrooge langs enkele van de gelukkigste en verdrietigste gebeurtenissen uit Scrooges verleden, gebeurtenissen die Scrooge hebben gemaakt tot wat hij nu is. De gebeurtenissen betreffen zijn vader (die zelfs met Kerstmis Scrooge eenzaam op de kostschool liet zitten), het verlies van zijn grote liefde door te veel aandacht voor de zaken en de dood van zijn zus, de enige persoon die hem liefde en aandacht schonk. Niet langer in staat de pijnlijke herinneringen te verdragen en met een steeds sterker wordend gevoel van spijt, smeekt hij de geest hem naar huis te laten gaan. Terug in zijn kamer is het weer 12 uur.

Om 2 uur 's nachts (wederom) verschijnt de tweede geest die zichzelf 'Geest van Huidig Kerstmis' ('Ghost of Christmas Present') noemt. Deze geest toont hem het karige kerstfeest van de familie Cratchit, het goede karakter van de kreupele zoon, Tiny Tim, en de mogelijke vroege dood van deze jongen. Dit vooruitzicht zet Scrooge echt aan het denken en hij toont medelijden. Na dit bezoek keert Scrooge weer terug naar zijn kamer en staat de klok wederom op 12 uur.

De derde, zwijgende geest, de 'Geest van Toekomstig Kerstmis', ('Ghost of Christmas Yet To Come') komt net na middernacht. Hij confronteert Scrooge met zijn eigen dood: een groepje mensen heeft het over de zojuist overleden "oude schraper". Spullen uit diens huis worden verkocht, en daarbij blijkt hoe zeer zijn dood de mensen koud laat. Scrooge herkent aanvankelijk niet dat het om hem zelf gaat. Ze bezoeken ook het huis van de Cratchits die Kerstmis vieren zonder Tiny Tim. Als Scrooge de geest smeekt te vertellen wie de "oude schraper" is, toont de geest hem zijn eigen grafsteen.

Het laatste hoofdstuk vertelt over Scrooge die zijn leven verandert en de royale, zachtaardige man wordt die hij was voor de dood van zijn zuster. Hij geeft op kerstochtend een jongen de opdracht de slager een kalkoen 'twee keer zo groot als Tiny Tim' te laten bezorgen bij de familie Cratchit. Hij verontschuldigt zich bij de collecterende heren en doet een gulle bijdrage.

Charles Dickens
Scrooge

Mede mogelijk gemaakt door:

  • Provincie Groningen Groningen
  • Hoogma Webdesign Beerta
  • Schildersbedrijf  A Bijl Beerta
  • Bouw & Zonwering Oldambt Beerta
  • O.B.S. De Uilenburcht Beerta